De Reizende Geleerde

door Abu Esli

Een geleerde reisde eens per schip samen met vele kooplieden, die elk zijn waren vervoerden. Om de tijd te verdrijven, beschreven ze om de beurt hun goederen en schepten ze op over hun zakelijk inzicht. Ten slotte wendden ze zich tot de geleerde, die zich met zijn studie van de Qur’aan en ah-Hadieth[1] bezig had gehouden. “Waar is uw koopwaar,” vroegen ze spottend. “We zien niet dat je iets bij je hebt.” “Oh,” antwoordde de geleerde terwijl hij opkeek van de het boek die hij las, “mijn product is veel groter dan het jouwe.”

De mannen keken verbaasd rond, maar zagen geen pakketten aan boord die van hem waren. Ervan overtuigd dat hij blufte, spotten ze met hem en zijn onzichtbare koopwaar. Plotseling werd hun geklets verstoord door een kreet. Piraten hadden aangevallen en de mannen klauterden alle kanten op, elk tevergeefs streden om zijn kostbare lading te beschermen. Maar het mocht niet baten. De meedogenloze bandieten speurden het schip zorgvuldig af op zoek naar iets van waarde. Pas toen ze alles aan boord hadden genomen, lieten ze de bange passagiers van boord gaan.

Op het droge begaf de trieste, verdwaasde groep zich naar de dichtstbijzijnde stad. Ze hadden helemaal niets bij zich, zelfs geen brood of schone kleren. De geleerde ging rechtstreeks naar de studiezaal, waar hij onmiddellijk een gesprek aanging met de geleerde Moslims die daar bijeen waren. De lokale bevolking besefte al snel dat hij een ervaren geleerde was en ze boden hem een respectabele positie aan. Binnen enkele dagen was er in zijn behoeften voorzien. Het bericht bereikte de treurige kooplieden van het soort fortuin dat hun voormalige reisgenoot was overkomen. Op hun verzoek sprak hij met de plaatselijke autoriteiten en stond hij in voor hun oprechte nood.

Hij berispte hen toen zachtjes en herinnerde hen aan hun gesprek aan boord van het schip. “Is dit niet wat ik je vertelde? Mijn goederen zijn groter dan die van jullie, want deze duren voor altijd.”

De moraal van dit verhaal: Materiële zaken, die noodzakelijk kunnen zijn voor een veilig en gezond leven, zijn vergankelijk en kunnen in een oogwenk worden weggenomen. Immateriële zaken, zoals kennis zijn veel moeilijker weg te nemen en als het gaat over kennis van de wil van de Allerhoogste dan heeft dit nog veel meer waarde. Maar, als men oud wordt en vergeetachtig dan gaat deze kennis toch ook verloren? Ja en nee, als je deze kennis omgezet hebt in goede daden dan kan dit jou ook na je dood nog profijt opbrengen.

Abu Qatadah overleverde: De Boodschapper van Allah (ﷺ), zei: “Het beste dat een man achterlaat zijn drie: een rechtvaardig kind dat voor hem smeekt, voortdurende liefdadigheid waarvan de beloning hem bereikt, en de kennis naar waar wordt gehandeld.”[2]

Een andere Hadith geeft nog meer zaken op die kunnen blijven bestaan na iemands dood: Anas ibn Malik rapporteerde: De Boodschapper van Allah, (ﷺ), zei: “Zeven daden van een dienaar worden nog steeds beloond na zijn dood terwijl hij in zijn graf is: kennis die moet worden geleerd, een kanaal aanleggen, een waterput aanleggen, het planten van een dadelpalmboom (fruitbomen), het bouwen van een moskee, het overhandigen van een geschreven exemplaar van de Qu’aan en het achterlaten van een rechtvaardig kind dat na zijn dood vergeving voor hem zoekt.”[3]

Voetnoten:

Dit is een fictief verhaal om een les te geven. (Islam Q&A n° 163469 Shaych Muhammad Saalih al-Munajjid)


[1] Qur’aan of Koran en ah-hadieth (enk. Hadith) verzameling van gezegden en daden van de Profeet Muhammad (ﷺ)

[2] Sunan Ibn Mājah 237 Sahih (authentic) volgens Al-Albani

[3] Musnad al-Bazzar 2773